Wat zou je moeten eten in de winter?

Water lijkt eenvoudig te beschrijven, maar het is moeilijk te grijpen: het kan de bron en de zee zijn, regen en overstroming. Water zit in de lucht en in de aarde en het vertegenwoordigt het grootste deel van alle levende materie. Verder horen de organen Blaas en Nieren bij de Winter.
De Nieren zijn in de TCG enorm belangrijk omdat zij als de bron van energie worden gezien. In de nieren is de energie van de (voor)ouders terug te vinden en
met deze energie (en de energie die we uit ons eten halen) wordt ons 'kacheltje' gestookt. Hebben we dus te weining energie, dan brand het kacheltje laag en hebben we het bijvoorbeeld snel koud.
Hebben we voldoende energie, dan brand het kacheltje goed en hebben we het niet snel koud, wordt ons eten goed verteerd en stroomt de energie vlotjes door ons lichaam.
Het is (juist in de winter) dus belangrijk om goed te eten zodat ons kacheltje voldoende energie heeft o te blijven branden.
Maar wat moet je eten zodat je je energie goed op peil houd...
Winterkost natuurlijk!

Maar wat moeten we verstaan onder "Winterkost"? Gelukkig is dit erg simpel: eet vooral die groenten die in dit seizoen in Nederland verbouwd en geoogst worden.
Denk aan allerlei koolsoorten, uien, prei, linzen, bonen, granen zoals gierst (heerlijk verwarmend!) en polenta, wortelen, spruitjes of venkel.
Van alle koolsoorten is de Chinese kool erg goed voor in de winter. Deze soort bevat verwarmende mosterd oliën. Deze oliën stimuleren het immuunsysteem en
hebben een antimicrobieel effect dat ook kan helpen bij het voorkomen van verkoudheid en griep. Bovendien bevat Chinese kool ook een hoog gehalte aan B-vitaminen zoals niacine, biotine en pantotheenzuur.
En wat werkt nog meer verwarmend? Niet te moeilijk denken... Warm eten of eten waaraan veel warmte is toegevoegd om het klaar te maken.
Dat betekent dat ovenschotels, soepen, stoofpotjes en stamppotten prima geschikt zijn om in de winter te eten. Hoe meer warmte erin gestopt is, hoe meer verwarmend het voor je lichaam zal zijn.
Bovendien betekent het ook dat het eten al goed gegaard is en dat je lichaam weinig energie nodig heeft om het te verteren.
En dus blijft er meer energie over voor je kacheltje!